Kernwoord

  1. “De uitspraak van het Nederlands krijgt veel te weinig aandacht”

    zondag, 6 mei 2007 · Achtergrond

    Hij is de schatbewaarder van de uitspraak van het Nederlands. Dr. Jan Stroop (1938), bekend geworden door zijn ontdekking van het Poldernederlands, nam op 3 oktober 2003 afscheid van de Universiteit van Amsterdam. Een gesprek over taalnormen en ‘uitgesproken Nederlands’.

    Auteur: Jan Erik Grezel

  2. Natuurlijke verschuivingen

    zondag, 6 mei 2007 · Achtergrond

    Mag je iemand die nooit met lood werkt nog wel een ‘loodgieter’ noemen? En kan het woord uniek verwijzen naar meer dan één exemplaar? Veel taalgebruikers klagen erover dat de oorspronkelijke betekenis van woorden uit het zicht verdwijnt. Die klachten zijn misschien begrijpelijk, maar terecht zijn ze zeker niet.

    Auteur: Riemer Reinsma

  3. Verliefd op het Heerlens Nederlands

    zondag, 6 mei 2007 · Achtergrond

    In Heerlen wordt naast het dialect en het Nederlands nóg een taalvariëteit gesproken: Heerlens Nederlands. Het ontstond begin vorige eeuw, toen mijnwerkers uit alle windstreken elkaar moesten zien te begrijpen. Leonie Cornips schreef een boek over dit ‘steenkolen-Nederlands’.

    Auteur: Liesbeth Koenen

  4. Nederlands in Japan: brug naar het westen

    vrijdag, 4 mei 2007 · Nieuws

    Tussen 1641 en 1853 onderhielden Nederland en Japan een unieke handelsrelatie. In die periode was het Nederlands de enige westerse taal die Japanners mochten leren. De Nederlandse taal sloeg daarmee een brug naar het westen. Japanoloog Henk de Groot schreef een proefschrift over het Nederlands in Japan.

    Auteur: Marc van Oostendorp

  5. Russisch blauw

    donderdag, 3 mei 2007 · Nieuws

    Het Russisch heeft verschillende woorden voor de kleuren lichtblauw en donkerblauw. Om die reden maken Russen ook makkelijker een onderscheid tussen lichtere en donkere tinten blauw, zo blijkt uit Amerikaans onderzoek.

    Auteur: Mathilde Jansen

  6. Nederlands tussen Duits en Engels

    vrijdag, 27 april 2007 · Nieuws

    Een halve eeuw geleden beweerde de Nederlandse taalkundige Van Haeringen dat het Nederlands niet alleen geografisch, maar ook taalkundig tussen het Engels en het Duits in staat. Zijn visie is nog steeds actueel in modern taalwetenschappelijk onderzoek.

    Auteur: Mathilde Jansen

  7. Poldernederlands: proef op de som

    dinsdag, 24 april 2007 · Achtergrond

    Het Poldernederlands is zo ongeveer de bekendste nieuwe taalvariant. Toch is er nog maar weinig onderzoek naar gedaan. Spreken intellectuele vrouwen de klinker ‘ei’ echt uit als [aai], zoals Jan Stroop beweert? Metingen verschaffen duidelijkheid.

    Auteur: Loulou Edelman

  8. Hebben we binnenkort ‘afscheidgeneemd’?

    maandag, 23 april 2007 · Achtergrond

    De oude verledentijdsvorm ‘loeg’ werd ‘lachte’, maar ‘hijste’ werd juist ‘hees’. De Nederlandse werkwoorden blijken zich door de eeuwen heen voortdurend te bewegen tussen zwak en sterk. De toekomst van een werkwoord voorspellen is dan ook geen sinecure, Joop van der Horst doet toch een poging.

    Auteur: Joop van der Horst

  9. Met de deur in huis

    maandag, 23 april 2007 · Achtergrond

    “Dus bestel vóór 26 februari en profiteer!” Een direct-mailbrief moet de ontvanger verleiden tot een positieve reactie op een aanbod. Hoe krijgt de briefschrijver dat voor elkaar? Schrijfadviseurs raden aan de lezer langzaam in te pakken, maar in de praktijk komt men tegenwoordig graag meteen ter zake. Waarom is dat?

    Auteurs: Frank Jansen en Ninke Stukker

  10. Taal werkt, ook ongemerkt

    maandag, 23 april 2007 · Achtergrond

    Wie koffie ruikt, krijgt er meteen trek in. Zonder dat we dat altijd in de gaten hebben, beïnvloeden signalen in onze omgeving ons gedrag. Ook taalgebruik kan zulke sturende effecten hebben. Wie een tekst leest met veel woorden als “bloemetjesjurk”, “rollator” en “vergeetachtig”, gaat daarna vanzelf wat langzamer lopen. Bericht uit het taalpsychologisch laboratorium.

    Auteurs: Christine Swankhuisen en Bert Pol

  11. “Papa, mag het donker aan?”

    maandag, 23 april 2007 · Achtergrond

    “Het huis stond in lichte vlaaien”, “Ik slaap in mijn bloot”, “Een kindje heeft iets uitgeslikt.” Kinderen die hun moedertaal aan het leren zijn, verrassen geregeld met taalvondsten die door volwassenen ook wel ‘fouten’ worden genoemd. We vroegen u om voorbeelden – en die kregen we. Een inventarisatie.

    Auteur: Paula Fikkert

  12. Leren zonder leraar

    maandag, 23 april 2007 · Achtergrond

    Kinderen leren taal door goed naar hun omgeving te luisteren. Maar wat ze daar horen, is verre van perfect. Zinnen worden niet afgemaakt, woorden worden verhaspeld en soms is er ook voor volwassenen geen touw aan vast te knopen. Zo bezien is het een wonder dat kinderen hun moedertaal zo snel en zo goed onder de knie krijgen. Hoe doen ze dat?

    Auteur: Maaike Verrips

  13. “Waarom? Daaromdat ik dat zeg”

    maandag, 23 april 2007 · Achtergrond

    Als kinderen een verhaal vertellen, knopen ze hun zinnen vaak aan elkaar met “en toen … en toen … en toen”. Hoe leren ze zulke verbanden tussen twee zinnen te leggen? En is er een volgorde waarin dit soort zinsverbindende woorden in kindertaal verschijnen? De taalwetenschap brengt het in kaart.

    Auteurs: Jacqueline Evers-Vermeul en Ted Sanders

  14. Stenen des aanstoots

    maandag, 23 april 2007 · Achtergrond

    Groter als, hun hebben, hij ken dat doen: veel mensen ergeren zich dagelijks groen en geel aan het taalgebruik van anderen. Wie maakt zich het drukst over zulke ‘foute’ taal? En welke constructies kunt u maar beter vermijden als u geen irritatie wilt wekken?

    Auteur: Renée van Bezooijen

  15. Taal zit je in het bloed

    maandag, 23 april 2007 · Achtergrond

    Sommige dieren gebruiken iets wat je taal zou kunnen noemen. Ze slaken kreten om soortgenoten te waarschuwen, en er zijn zelfs mensapen die in staat zijn in gebarentaal woorden te leren. Maar dieren kunnen niet wat mensen wél kunnen: klanken en woorden systematisch combineren tot zinnen. Hoe komt het dat de mens net dat stapje extra kan zetten? Waar komt ons taalvermogen vandaan?

    Auteur: Marco Haverkort

Volg ons op twitter Word onze fan op facebook