Maak je biobrandstof uit algen of uit planten? Is biodiesel hetzelfde als bioethanol? En zijn die biobrandstoffen nou wel of niet goed voor het milieu? De ontwikkelingen rondom biobrandstof vliegen je om de oren; begrijpelijk als je het spoor een beetje bijster bent geraakt. Maar geen nood. Na dit samenvattende dossier – waarin de belangrijkste Kennislinkartikelen over biobrandstof gebundeld zijn -, heb je de boel weer op een rijtje.
Waarom biobrandstoffen?
Waarom biobrandstoffen? De reden is heel eenvoudig: de voorraad fossiele brandstoffen – zoals aardolie en aardgas – raakt op. Het kostte de aarde vierhonderd miljoen jaar om die voorraad, onder hoge druk, aan te leggen uit oeroud organische resten. Wij jagen het er in slechts vierhonderd jaar doorheen. Vanuit de wetenschap en de maatschappij is daarom steeds meer belangstelling voor biobrandstoffen: een verzamelnaam voor brandstof die gewonnen wordt uit plantaardig en dierlijk (rest)materiaal, oftewel biomassa. En biomassa is hernieuwbaar.
Een andere belangrijke reden voor de productie van biobrandstoffen, is dat ze beter zouden zijn voor het klimaat dan hun fossiele tegenhangers. Bij de verbranding van biobrandstof komt – net als bij benzine en diesel – koolstofdioxide (CO2) vrij. Maar de gewassen waar biobrandstof uit wordt gemaakt, hebben die CO2 eerder al via fotosynthese uit de lucht gehaald. Bij de verbranding van biobrandstof komt netto een stuk minder CO2 in de atmosfeer, en dat is belangrijk om klimaatverandering tegen te gaan. Daarnaast voorkomen biobrandstoffen dat landen die veel energie gebruiken – zoals Nederland – te afhankelijk worden van wispelturige, olieproducerende landen als Irak en Rusland. In onderstaande artikelen kan je meer lezen over de voordelen van biobrandstoffen.
Biomassa
Biomassa, de oudste energiebron voor de mens, is in de laatste decennia aan een sterke opmars bezig. Chemische verbindingen in biomassa zijn energierijk en zijn niet alleen geschikt als rechtstreekse energiebron, maar ook als grondstof voor andere vormen van brandstof en voor de chemische industrie.
Fotosynthese voor een zonnige toekomst
Landbouwminister Gerda Verburg kende 25 miljoen euro toe aan het project Towards Biosolar Cells, een samenwerkingsverband van Nederlandse kennisinstellingen om de kracht van fotosynthese te beteugelen. Over vijf jaar moet Nederland grote stappen hebben gezet in het onderzoek naar kunstmatige bladeren, bacteriën die licht omzetten in brandstof en planten die misschien wel tien keer harder groeien dan normaal.
Klimaatvrije brandstof binnen handbereik
Idealer kan haast niet: haal het broeikasgas CO2 uit de lucht, en zet dat met hulp van micro-organismen direct om in brandstof voor auto’s en vliegtuigen. Netto heb je dan nauwelijks CO2-uitstoot. Dat zo’n oplossing haalbaar is, bewijzen Amerikaanse biologen deze maand in het blad Nature Biotechnology.
Gras in de tank
Het vaste gras Miscanthus x giganteus is een ideaal gewas voor de productie van biobrandstof. Uit een grote proef van de Universiteit van Illinois blijkt dat het gras meer energie levert en minder landbouwgrond kost dan de huidige gewassen bestemd voor biobrandstof. Deze ontdekking levert een grote bijdrage aan het halen van de doelstellingen van de Europese Commissie om fossiele brandstoffen op termijn te vervangen door biobrandstof.
Productie van biobrandstoffen
Biobrandstoffen kunnen vast, vloeibaar of gasvormig zijn. Bij biobrandstof in vaste vorm moet je denken aan samengeperst hout of zaagsel, dat direct verbrand kan worden om hitte of stoom op te wekken. Om vloeibare of gasvormige biobrandstoffen te maken is iets meer werk nodig. De focus ligt vooral op de productie van vloeibare biobrandstoffen, zoals biodiesel en bioethanol, om voertuigen op te laten rijden en vliegen.
Uit purgeernootzaden, die voor ons giftig zijn, wordt via persing jatropha-olie gewonnen. Wikimedia Commons
Biodiesel is te maken uit plantaardige olieën en dierlijke vetten, zoals oud frituurvet. De olieën en vetten – bij planten wordt de olie er eerst uitgeperst – worden eerst nog onderworpen aan een reeks chemische reacties. Dat maakt ze minder stroperig waardoor ze dezelfde kwaliteit krijgen als gewone diesel. Bioethanol, een alcohol, onstaat op een heel andere manier: door vergisting. Bij vergisting zetten micro-organismen plantensuikers om in alcohol en CO2, met behulp van enzymen. Ethanol is het makkelijkst te verkrijgen uit glucose en zetmeel, waar planten als mais, suikerbiet en suikerriet grotendeels uit bestaan.
Dan zijn de biobrandstoffen in gasvorm nog over. Biogas ontstaat als bacteriën organische stoffen uit mest en huisvuil afbreken. Hierbij komt het gas methaan vrij. Door methaan op te vangen en samen te persen is het als aardgas – dat zelf voor ongeveer tachtig procent uit methaan bestaat – te gebruiken. Hieronder meer over verschillende manieren om biobrandstof te maken.
Alcohol uit stro vervangt aardolie
Verantwoord autorijden op groene brandstof komt steeds dichterbij. Ing. Ronald Maas promoveert vandaag aan Wageningen Universiteit op de omzetting van tarwestro in ethanol en melkzuur. Met zijn onderzoek, uitgevoerd bij de leerstoel Industriële biotechnologie, geeft hij een flinke impuls aan het gebruik van gewasresten als bron voor alternatieve brandstoffen. Zijn resultaten kunnen ook van belang zijn voor de productie van kunststoffen uit biologische materiaal.
Dikke koe is beste biobrandstofmotor
Koeien zijn ware kampioenen in iets waar mensen stinkjaloers op zijn: gras omzetten in energie. In biobrandstof, om preciezer te zijn. Nu hebben Amerikaanse wetenschappers voor het eerst een DNA-analyse gedaan naar hoe de koe dat voor elkaar krijgt. Ze denken dat ze daarmee efficiëntere manieren hebben gevonden om biobrandstof te maken.
Wat je nog met smurrie kan
Met de politieke onrust en stijgende olieprijzen in het Midden-Oosten is de zoektocht naar alternatieve brandstoffen actueler dan ooit. Deze week maken Amerikaanse wetenschappers bekend dat ze biobrandstof uit eiwitsmurrie van bacteriën en algen kunnen verkrijgen, een stap die tot dusver nog niet mogelijk was.
Drie generaties biobrandstoffen
Om het overzichtelijk te houden, worden biobrandstoffen vaak ingedeeld in drie generaties. Bij deze indeling gaat het om waar de biomassa – die de grondstof is voor de biobrandstof – vandaan komt.
Eerste generatie – voedselgewassen
Veruit de meeste biobrandstoffen die op de markt zijn, behoren tot de zogenaamde eerste generatie: biobrandstoffen gemaakt uit voedselgewassen. Uit olierijke gewassen als koolzaad, oliepalm, soja en maïs wordt bijvoorbeeld biodiesel gemaakt. Bioethanol wordt meestal gemaakt uit suikerrijke gewassen als suikerriet en graan. Maar er is veel kritiek op deze eerste generatie brandstoffen: voedselgewassen speciaal verbouwd voor biobrandstof nemen veel landbouwgrond in. Grond, die ook gebruikt had kunnen worden om de wereldbevolking te voeden. Lees hieronder meer over de eerste generatie biobrandstoffen.
Plantaardig dieselen
Met een dieselmotor kun je op plantaardige olie zoals slaolie rijden. Deze duurzame manier van autorijden belast het milieu minder dan bij het gebruik van fossiele brandstoffen. Slaolierijders dragen minder bij aan vergroten van het broeikaseffect en mogelijk klimaatverandering.
Tweede generatie – (plant)afval
De tweede generatie biobrandstoffen komt niet in de knoei met de voedselvoorraden, doordat ze gewonnen worden uit plantafval en oneetbare delen van voedselgewassen. Speciaal voor de productie van tweede generatie biobrandstoffen, worden ook wel oneetbare gewassen zoals de wilg en de giftige purgeernoot verbouwd.
Het winnen van energie uit plantafval, heeft een technisch obstakel. Plantafval bevat over het algemeen veel cellulose: een voor micro-organismen moeilijk afbreekbare suiker in de celwand van plantencellen. Daarom moet plantaardig afval op dit moment eerst voorbewerkt worden met afbraakenzymen die cellulose afbreken. De suikers die daarbij ontstaan, zijn vervolgens door micro-organismen om te zetten tot ethanol. Het werkt, maar de voorbewerking met afbraakenzymen is een grote kostenpost. Genetisch aangepaste micro-organismen die cellulose kunnen afbreken en vervolgens direct kunnen omzetten in ethanol, moeten uitkomst bieden. Hieronder is meer te lezen over de tweede generatie biobrandstoffen.
Tweede-generatie-biobrandstoffen wél duurzaam
Het nieuwste onderzoek rondom de vraag over welke brandstof we nu moeten gaan gebruiken, wijst als meest goedkope kandidaat biobrandstof uit de tweede generatie aan. Die wordt gewonnen uit gras en houtresten. De onderzoekers houden daarbij rekening met kosten van klimaatverandering en milieuschade.
Warm bad voor biobrandstof
Autobrandstof uit verse planten blijft het droomplaatje van de groene economie, waarin alles milieuvriendelijk moet zijn. Maar plantenresten afbreken zodat je er bruikbare brandstof uit kan halen is momenteel een duur grapje. Een bacterie, per toeval ontdekt in een poeltje kokend natuurwater, gaat dat misschien veranderen.
Schimmeldiesel
In het Patagonische regenwoud is een schimmel gevonden die direct diesel kan maken uit cellulose. De schimmel produceert een combinatie van verschillende koolwaterstoffen die ook voorkomen in brandstof. Het product van de schimmel, dat de naam mycodiesel meekreeg, is ontdekt door wetenschappers van de Montana State University. Volgens de ontdekkers is mycodiesel de beste bron voor biobrandstof die we op dit moment kennen.
Bacterie stroomlijnt biodieselproductie
Hoe bouw je een biobrandstofbacterie? Eentje die zowel plantafval afbreekt én suikers omzet in stoffen als benzine, diesel en kerosine? Amerikaanse wetenschappers demonstreerden hoe dat moet met de beroemde bacterie E. coli. Met hun draaiboek moet het mogelijk worden allerlei micro-organismen om te bouwen voor biobrandstofproductie.
Meer biobrandstof uit plantenafval
Een Delftse onderzoeksgroep heeft bakkersgist – de producent van de biobrandstof bio-ethanol – in één klap verbeterd. De gist zet suikers uit plantenresten om in bio-ethanol, maar zette ook een deel om in het nutteloze glycerol. Zonde. De Delftenaren hebben dit nu opgelost door een nieuw gen in de gist te bouwen.
Belgische bomen maken biobrandstof
Populieren zijn fijn, want ze sieren ons landschap zo prettig. Maar met de hoge bomen kun je nog veel meer dan dat: Vlaamse biotechnologen is het na tien jaar gelukt om populieren te kweken die goedkope biobrandstof opleveren. Ze schakelden een gen van de populier gedeeltelijk uit, zodat de plantsuikers uit het hout makkelijker te verwerken zijn tot brandstof. En de eerste resultaten zijn erg positief.
Beroemde bacterie maakt biobrandstof
Amerikaanse wetenschappers hebben het voor elkaar gekregen om de bacterie Escherichia coli, zo’n beetje de labrat onder de bacteriën, om te bouwen tot een biobrandstoffabriek. En een goeie ook: hij maakt niet alleen biobrandstof uit suikers, maar weet ook ruwe grondstoffen voor de brandstof, namelijk plantenafval, zelf te verwerken.
Derde generatie – algen
De veelbelovende derde generatie biobrandstoffen wordt gemaakt uit speciaal voor dit doel gekweekte algen. Om aan energie te komen doen algen aan fotosynthese waarbij ze CO2 onder invloed van zonlicht omzetten in organische stoffen. Daarvan is het merendeel suiker, maar er ontstaan ook lipiden: vetachtige stoffen die je uit de alg kan persen om er biodiesel van te maken. Het kweken van algen heeft geen nadelige gevolgen voor de voedselvoorraden, want er is geen landbouwgrond of (kunst)mest voor nodig. Algendiesel staat nog in de kinderschoenen en de productie ervan moet nog wat praktische problemen overwinnen. Het is bijvoorbeeld lastig om de olie te scheiden van de algen. Ook moeten wetenschappers nog even spelen met de juiste dosering van zonlicht en voedingsstoffen om de opbrengst te verhogen. Maar er wordt volop geëxperimenteerd, zoals je hieronder kunt lezen.
Nog even geduld voor biodiesel uit algen
Is het nu echt zo’n gek idee om biobrandstof uit algen te kweken? Ondanks enkele negatieve geluiden hebben René Wijffels en Maria Barbosa van Wageningen UR (WUR) reden genoeg om te geloven dat het best gaat lukken. In het vooraanstaande blad Science beargumenteren ze waarom.
Nanofilter versnelt algengroei voor biodiesel
Een nieuw filter van zilveren nanodeeltjes versnelt de groei van groene algen met maar liefst dertig procent. Door blauw licht met het filter terug te kaatsen naar de algen, optimaliseren Amerikaanse onderzoekers de fotosynthese van de algen. Dit goedkope en duurzame filter kan wel eens precies datgene zijn wat de biodiesel-industrie nodig heeft.
Venters droom krijgt gestalte
Genomics-expert Craig Venter droomde er al zo’n vijf jaar geleden van: door de mens herontworpen bacteriën moeten energieproblemen gaan oplossen. Bijvoorbeeld brandstof maken zonder CO2-uitstoot. Nu olieproducent ExxonMobil daadwerkelijk een samenwerking aangaat met Venters bedrijf Synthetic Genomics, komt die werkelijkheid een grote stap dichterbij.
Bezwaren tegen biobrandstoffen
Biobrandstoffen lijken een geweldig idee: de CO2 die auto’s uitstoten bij de verbranding van biobrandstof, wordt door landbouwgewassen uit de lucht gehaald. De gewassen leggen CO2 vervolgens vast in zaden en granen, en weg is het broeikasgas. Door de planten weer om te zetten in brandstof is het cirkeltje rond. Dat maakt biobrandstof beter dan fossiele brandstoffen. Toch? Maar er zitten wat addertjes onder het gras.
De toekomst ligt in ieder geval niet bij fossiele brandstoffen. Wikimedia Commons
Ten eerste klopt het niet dat biobrandstoffen netto geen CO2-uitstoot geven. Het verbouwen van biobrandstofgewassen kost namelijk fossiele brandstof in de vorm van tractors en kunstmest. Ten tweede is voor het verbouwen van biobrandstofgewassen een enorme hoeveelheid landbouwgrond nodig. De landbouwgrond die wordt opgeëist voor de productie van biobrandstof, wordt gecompenseerd door elders een tropisch regenwoud plat te branden voor de verbouwing van voedsel. Bij die verbranding komt veel CO2 vrij, en gaat bovendien natuur verloren.
Van de regen in de drup dus. Letterlijk, want de verbouwing van (voedsel)gewassen kost ook nog eens ontzettend veel zoet water. Voedselgewassen als bron voor biobrandstof hebben daarnaast nog een extra keerzijde: stijgende voedselprijzen. Als de producenten van biobrandstof boeren veel willen betalen voor hun voedselgewassen, dan moet de supermarkt wel meegaan om de schappen vol te houden. Dat maakt voedsel, vooral voor arme mensen, onbetaalbaar.
Deze bezwaren opgesomd, lijken biobrandstoffen gedoemd te mislukken. Maar ondanks alle haken en ogen, zijn er ook lichtpuntjes. Het zou al een stuk schelen als beleidsmakers de bossen laten staan, en intensiever gebruik van huidige biobrandstofakkers stimuleren. En we hebben ook de veelbelovende algen nog, die helemaal geen landbouwgrond nodig hebben. Bovendien zal naar verwachting de productie van biobrandstoffen steeds goedkoper en milieuvriendelijker worden in de toekomst. Eén ding staat als een paal boven water: doorgaan met oprakende fossiele brandstoffen is al helemaal geen optie. Even wachten dus, met het definitief afschieten van biobrandstof. Wil je meer weten over de bezwaren tegen biobrandstof? Dat kan in onderstaande artikelen.
Schade door productie van biobrandstof
Het telen van maïs voor de productie van biobrandstof leidt op dit moment vooral tot economische schade bij sojaboeren en een toenemend gebruik van bestrijdingsmiddelen tegen insectenplagen. Dit doordat de natuurlijke vijand van de sojaboonluis zich niet goed op maïsplanten kan vestigen. Tot die conclusie komt plantwetenschapper Wopke van der Werf van de universiteit Wageningen, samen met drie Amerikaanse collega’s, deze week in vakblad PNAS.
Tropisch bos beter dan biobrandstofakker
Het verbouwen van biobrandstoffen uit palmolie op land waar eerst tropisch bos groeide, maakt CO2-vervuiling en dus het versterkte broeikaseffect alleen maar erger, in plaats van geringer. Dat zegt een internationale groep wetenschappers. Daarnaast nemen de oliepalmplantages ook woonruimte voor beschermde dieren in.
Biobrandstoffen: het ei van Columbus?
Verbranding van benzine en diesel in auto’s zorgt voor uitstoot van het broeikasgas CO2. Daarnaast raakt de olie waaruit ze gemaakt worden op. Daarom is er steeds meer aandacht voor biobrandstof als alternatief om auto’s aan te drijven. Maar wat voor effecten hebben biobrandstoffen op de mens en de natuur, en is het wel echt zo dat ze geen CO2 uitstoot veroorzaken?
Biobrandstoffen in de praktijk
De transportsector is het meest gebaat bij biobrandstof, omdat auto’s, vrachtwagens en vliegtuigen veel CO2 uitstoten. De Nederlandse overheid zet daar ruim op in: in 2020 moet minstens tien procent van alle brandstof in het wegverkeer bestaan uit alternatieve brandstof als biodiesel of bioethanol. Dit percentage ligt vast in de Europese richtlijn voor hernieuwbare energie en geldt voor alle landen van de Europese Unie.
Op dit moment kan je al biobrandstof tanken in Nederland. Energieleveranciers mengen kleine percentages biobrandstof door benzine of diesel, en dat moet ieder jaar een beetje meer worden. Vorig jaar bestond zo’n viereneenhalf procent van de brandstof uit biobrandstof, en daar komt per jaar een half procent bovenop. Alle auto’s rijden dus al een beetje op biobrandstof. Ook in de luchtvaart begint biobrandstof zijn weg te vinden. In Nederland experimenteert luchtvaartmaatschappij KLM samen met het Wereld Natuur Fonds met kerosine uit algen. Hieronder meer over auto’s die rijden op biobrandstof.
Hybride auto, duurzame brandstof
Wat gaat het worden? Rijden op elektriciteit of waterstof, of toch een ‘gewone’ motor, maar dan op duurzame brandstof? Promovendus Oscar van Vliet (Universiteit Utrecht) denkt het laatste. Zijn onderzoek wijst uit dat overstappen op hybride auto’s en op duurzame biobrandstoffen goedkoper en gemakkelijker is dan andere technieken.
Lees op Kennislink ook de laatste nieuwtjes over biobrandstof:
Zie ook:
- Het thema ‘biobrandstoffen’ op de website van BioBased Economy
- Een infographic van de website BioBased Economy waarin de routes vanaf biomassa tot producten worden uitgelegd.
- Lijst met Nederlandse initiatieven voor de ontwikkeling van biobrandstoffen, van het overheidsprogramma GAVE (Gasvormige en Vloeibare klimaatneutrale Energiedragers).
Lees meer over biotechnologie op Ditisbiotechnologie.nl.