Biodiversiteittop: een beetje vooruitgang

Weinig harde afspraken gemaakt

De Biodiversiteittop van de Verenigde Naties (VN) in Japan is voorbij. Erg veel harde afspraken hebben de landen niet gemaakt, maar goede voornemens zaten er wel tussen. Nieuw biodiversiteitsbeleid zal voortaan ook rekening moeten houden met het delen van kennis en natuurlijke hulpbronnen zonder armoede in de hand te werken, hebben de VN beloofd.

door

Afgelopen zaterdag bereikten vertegenwoordigers van de 193 VN-landen een akkoord tijdens de Biodiversiteittop in Nagoya. Daarin staan 20 beleidsdoelen die de landen beloven uit te zullen voeren om biodiversiteit en natuurlijke hulpbronnen op aarde te bewaren. De doelen moeten officieel in het jaar 2020 zijn gehaald.

Nagoya_taro416

Nagoya is een grote Japanse stad die praktisch nabij een aantal toeristische trekpleisters ligt. Niet dat de delegaties van de VN daar veel tijd voor hebben gehad: het schijnen twee enorm hectische weken te zijn geweest. Taro416, Flickr.com

Wat voor doelen zijn dat dan? Een paar voorbeelden. Alle landen moeten meewerken aan het uitbreiden van beschermde natuurgebieden, waar biodiversiteit dreigt te verdwijnen. Een ander doel is het bewaren van genetische diversiteit; dat gebeurde al op enige schaal, maar volgens de VN moet dat nu voor het eerst meetbaar worden gemaakt. Het is dus voortaan niet voldoende om natuurbeleid als oké te bestempelen wanneer je voldoende plant- en diersoorten telt: nee, deze soorten moeten samen aantoonbaar voldoende genetische diversiteit omvatten.

Biodiversiteit

Tijdens de top werd twee weken vergaderd. Pas in de laatste drie uur werden nieuwe afspraken gemaakt.

Maar hoeveel extra natuurgebieden er vóór het aanbreken van 2020 moeten worden beschermd, of wat voor genetische diversiteit nou precies gewenst is, daar hebben de toplanden het niet over gehad.

Bijzonder is dat de biodiversiteitsdoelen voor het eerst rekening houden met armoede en andere economische factoren die van belang zijn bij natuurgebieden. Zo komt de wens van het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) misschien toch uit: zij meldde vorige week dat in het huidige Nederlandse biodiversiteitsbeleid te weinig wordt nagedacht over economische factoren. Vaak gaat biodiversiteit ten koste van armoede, omdat mensen die het zwaar hebben zichzelf -uiteraard- boven de natuur verkiezen, en daarom zonder blikken of blozen de natuur ombouwen tot een fruitakkertje.

Over de armoede is overigens wel een concrete afspraak gemaakt: het zogenaamde Access and Benefit-sharing. Dat houdt in dat rijke landen niet zomaar de biodiversiteit uit arme landen mogen exploiteren. Zo klaagt Brazilië al jaren over het feit dat farmaceutische bedrijven geneeskrachtige stoffen uit het Amazonegebied plukken, en deze in Europa of de Verenigde Staten verder ontwikkelen tot dure medicijnen die Brazilië vervolgens weer niet kan betalen. Met de nieuwe afspraak zou het verplicht zijn om Brazilië te laten delen in de winst die uit de jungle komt. Zo ga je in theorie armoede tegen in landen waar biodiversiteit kwetsbaar is door armoede.

Zie ook