Franse en Nederlandse zuipschuiten

Nederlandse jongeren drinken vaker en meer alcohol dan hun Franse leeftijdsgenoten. Jongeren in Frankrijk krijgen namelijk al gauw problemen met ouders en leraren, terwijl ouders en leraren in Nederland onverschilliger staan tegenover buitensporig drankgebruik. Dit blijkt uit onderzoek van de Universiteit Maastricht en het Trimbos Instituut.

door

Wat is een zomers terras zonder bier, een zaterdagavond zonder zuippartij, een zondagochtend zonder kater? Drinken is populair, ook onder jongeren. In Nederland staat alcoholverbruik onder jongeren volop in de schijnwerpers. Er gaan stemmen op om de leeftijdsgrens voor alcohol van 16 naar 18 te verhogen, drank uit de supermarktschappen te halen en alcoholreclame op televisie te verbieden. Een onderzoeksteam onder leiding van medisch socioloog Ronald Knibbe draagt bij aan dit debat met een studie naar de verschillen tussen Franse en Nederlandse jeugdige drinkers en drugsgebruikers.

Nederland en Frankrijk vergeleken

Nederland en Frankrijk verschillen van elkaar, dat is duidelijk. Het strand aan Nice is mooier dan aan Katwijk, de banlieus van Parijs zijn uitzichtlozer dan de Bijlmer, zij hebben Sarkozy en wij hebben Beatrix en Balkenende. Maar ook op het gebied van alcohol en drugs zijn er belangrijke verschillen. Onderzoekers van de Universiteit Maastricht, het Trimbos Instituut en het Franse instituut INSERM komen tot de conclusie dat Fransen strenger zijn tegen drinkende jongeren dan Nederlanders. Franse jongeren liggen vaker met hun leeftijdsgenoten, ouders en leraren overhoop over hun drinkgedrag. In Nederland is het meer geaccepteerd om als 16-jarige op vrijdagavond stomdronken het ouderlijk huis binnen te zwalken.

Drank – wat maakt het precies kapot?

Voor het onderzoek vulden 9.646 Franse en 4.921 Nederlandse jongeren een vragenlijst in. De middelbare scholieren tussen 14 en 18 jaar moesten vragen beantwoorden over hoe vaak ze drinken en drugs gebruiken en hoe vaak ze hierdoor in de problemen komen. Deze problemen kunnen bestaan uit ruzie met vrienden, ouders en leraren. Ook kunnen problemen ontstaan door gewelddadige incidenten zoals berovingen, vechtpartijen en ongelukken. In beide landen heeft 80% van de jongeren alcohol gedronken in het afgelopen jaar. Maar: Franse jongeren drinken minder en zijn minder vaak dronken.

Informele sociale druk

Drinken heeft fysieke en psychologische gevolgen: je hoofd tolt, je denkt niet meer helder na en je voelt van alles. Maar drinken heeft ook een sociale kant: als je in het park zit met een fles wodka kunnen voorbijgangers je bekritiseren, toelachen of negeren. Als je tijdens het schoolfeest brakend over de wc hangt, kunnen leraren meeleven of je van school sturen. En als je op zaterdagochtend in een halve zuipcoma op je werk verschijnt, kan je baas je ontslaan óf sterke verhalen gaan vertellen over zijn eigen wilde jaren.

Strenge Fransen, onverschillige Nederlanders

Hoe de sociale omgeving reageert op het drinkgedrag van jongeren, heeft gevolgen. In Frankrijk is men strenger – en daar drinken jongeren ook minder en zijn ze minder vaak dronken. Franse jongeren gaven aan dat ze vaak problemen krijgen met leeftijdsgenoten, ouders en leraren als ze een glaasje achterover slaan. In Frankrijk is de sociale controle dus groter. Informele sociale controle is gebaseerd op culturele normen die bepalen of, hoe en wanneer je mag drinken. In Nederland staan ouders en leraren onverschilliger tegenover het buitensporig drankgebruik van jongeren. Nederlandse ouders reageren ook vaak pas als hun kroos al ladderzat is, terwijl Franse ouders al boos worden voordat jongeren te dronken worden. De Nederlandse normen over drankgebruik zijn dus vrijer.

Overigens ligt het niet alleen aan culturele normen dat Franse jongeren minder drinken. Het ligt ook aan de context waarin gedronken wordt: Nederlandse jongeren drinken vooral buitenshuis, in cafés, op vakantie op Terschelling of tijdens Koninginnedag – plaatsen waar niemand bijhoudt hoeveel ze er al op hebben. Ze drinken dan al gauw meer dan 5 glazen alcohol. De onderzoekers menen dan ook dat de Nederlandse wet beter moet worden nageleefd om de negatieve gevolgen van alcoholmisbruik tegen te gaan. Dat wil zeggen: geen alcohol voor jongeren onder de 16 en jongeren die al teveel gedronken hebben.

High in Frankrijk

Naast het drinkgedrag werd ook werd het drugsgebruik van jongeren in beide landen onder de loep genomen. Opvallend is dat Franse jongeren vaker blowen dan hun Nederlandse leeftijdsgenoten – dit terwijl cannabis in Frankrijk streng verboden is. 79 % van de Franse jongens blowt, tegenover 67% van de Nederlandse jongens. Voor meisjes geldt een percentage van 86% voor Franse en 73% voor Nederlandse vrouwelijke blowers. Nederlandse jongeren betreden wel vaker de wereld van de paddo’s, cocaïne, amfetamines en ecstasy.

Gewelddadig en illegaal

Een andere opmerkelijke conclusie is dat cannabisgebruik onder Nederlandse middelbare scholieren veel minder vaak samengaat met gewelddadige incidenten dan in Frankrijk. Drugsgebruik leidt in Frankrijk vaker tot problemen met de sociale omgeving èn tot meer gewelddadige situaties. Dit verklaart Knibbe door het verbod op softdrugsgebruik in Frankrijk: omdat blowen illegaal is, is het ook meer omgeven met criminaliteit en daardoor ook met geweld. Jongeren willen niet dat hun cannabisgebruik ontdekt wordt en zullen een conflict met blowgenoten of dealers eerder oplossen met geweld dan met een telefoontje naar de politie. Bovendien heb je in een legale Nederlandse coffeeshop minder kans om een kwade spierbundel met groot mes tegen te komen, dan wanneer je voor je joints bent aangewezen op ongure types in kleine donkere steegjes.

Uit de studie blijkt dus dat een streng drugsbeleid niet automatisch leidt tot minder drugsgebruik en zelfs meer sociale problemen oproept. Het verschil tussen Nederland en Frankrijk wordt hier niet verklaard door de houding van ouders en leraren maar door de houding van de staat. Toch gaat het volgens prof. Knibbe te ver om op basis van deze studie een verdere liberalisering van het drugsbeleid aan te bevelen. Wel zou er in andere landen meer aandacht moeten worden besteed aan de hogere kans op geweld tussen drugsgebruikers als drugs illegaal blijft.

Bron:

R.A. Knibbe, J. Joosten, M. Choquet, M. Derickx, D. Morin, K. Monshouwer. ‘Culture as an explanation for substance-related problems: A cross-national study among French and Dutch adolescents.’ Social Science & Medicine 64 (2007).