Laat je ego in de steek

Als je een besluit neemt

De starheid waarmee mensen vasthouden aan hun zojuist uitgedachte ideeën of meningen, is makkelijk om te buigen. Wie zich heel eventjes inleeft in andermans perspectief, vormt een ruimdenkendere mening. Dat blijkt uit nieuw onderzoek.

door

The_riel_thing_flickr_tankstation

Gaan we door, of stoppen we? the riel thing, Flickr.com

Als mensen de koppen bij elkaar steken om samen iets te besluiten, kan het wel eens gebeuren dat ze koppig worden. En elkaar daarmee in de weg zitten. Terwijl Margriet en Frits op de snelweg een tankstation naderen, besluit Margriet, gezien de hoge prijzen, dat ze het wel redden tot aan de volgende pomp. Plotseling suggereert Frits dat dit misschien niet zo slim is. Hij legt een nieuw feit in de weegschaal: er staat tegenwind, waardoor de brandstof sneller opraakt. Maar Margriet houdt vast aan haar eerste mening: ‘Ik denk toch dat…’

Beslissingen maak je in de meest ideale situatie op basis van de best mogelijke informatie. Maar omdat mensen soms egocentrisch zijn, wil het nogal eens voorkomen dat ze zoals Margriet bevooroordeeld zijn richting hun aanvankelijke mening, ondanks het horen van nieuwe argumenten die richting een andere mening wijzen. Dat kan verkeerd uitpakken als het te maken besluit om belangrijkere dingen gaat, zoals kwesties van veiligheid of geld.

Ilan Yaniv en zijn collega Shoham Choshen-Hillel van de Universiteit van Jeruzalem hebben een simpele remedie tegen dit soort eigenwijsheid: vraag mensen zich kort in te leven in andermans perspectief.

Mediterraneoweb_2

Hoeveel kilocalorieën zijn dit? mediterraneoweb, Flickr.com

De wetenschappers vroegen aan bijna honderd psychologiestudenten om op basis van voedselplaatjes in te schatten hoeveel kilocalorieën er in de afgebeelde porties zaten. Aardappelen, gekookte pasta en yoghurt zaten ertussen. Ze kregen een extra hoge geldbeloning als ze met hun schatting dichterbij de waarheid zaten. Calorieën schatten is een handige proef, want daarvan bleek uit eerder onderzoek dat mensen er bar slecht in zijn en de meningen al snel verschillen.

In eerste instantie moesten de studenten bij elke foto gewoon hun eigen schatting opgeven. Daarna kregen ze op een beeldscherm enkele schattingen van andere proefpersonen te zien. Nieuwe informatie dus, zoals Frits’ opmerking over tegenwind. Na het zien van die informatie kregen ze de kans om hun aanvankelijke schatting aan te passen. Bijna niemand deed dat, en als ze de kans wel pakten, dan week de nieuwe schatting weinig af van eerste schatting.

In een tweede sessie herhaalden Yaniv en Choshen-Hillel dat experiment, maar voegden ze er het magische ingrediënt aan toe: het verzoek om je in te leven in andermans perspectief. Om precies te zijn viel dat verzoek precies nadat de proefpersonen andermans schattingen zagen. Ze kregen de vraag te horen: ‘Op welk getal zou iemand anders na het lezen van deze nieuwe schattingen belanden?’. Daarna mochten ze alsnog hun eigen calorieschatting opgeven.

Nu bleken de proefpersonen juist sterker af te wijken van hun aanvankelijke inschatting, en meer af te gaan op andermans inschattingen. Ze vormden dus een betere, realistische mening op basis van ideeën die ze eerder niet overwogen. Daar hadden ze overigens zelf geen flauw benul van: in beide experimenten waren de proefpersonen volledig overtuigd van de onafhankelijkheid van hun eigen mening.

Lees meer over rationeel denken

Lees meer over gedrag op Wetenschap24: