“Met één woord kun je een hele zin uitdrukken”

De grammatica van het Soemerisch

Het Soemerisch is een van de oudst overgeleverde talen. En het is ook een van de best bewaarde oude talen. Dat komt doordat de Soemeriërs niet schreven op papier, maar op klei. Daardoor konden de teksten moeilijk vergaan. Bram Jagersma deed promotieonderzoek naar de grammatica van het Soemerisch. Een taal die ooit gesproken werd in het oude Mesopotamië, het tegenwoordige Irak.

door

Spijkerschrift

Als middelbare scholier had Jagersma een enorme interesse in oude schriften en culturen. Regelmatig was hij te vinden in de openbare bibliotheek, om zich te verdiepen in boeken die bol stonden van mysterieus schrift. Daarmee hoopte hij zich toegang te verschaffen tot het vroegste begin van onze geschiedenis. Nog steeds is hij bijna dagelijks in de bibliotheek te vinden, omdat hij daar zijn werk van heeft gemaakt. In zijn vrije tijd schreef hij een proefschrift over het Soemerisch.

Su_signs

Het Soemerische schrift was in zijn beginperiode constant in beweging. De vroege schrijfrichting was bijvoorbeeld van boven naar beneden, maar veranderde op den duur van links naar rechts. Dit had tot gevolg dat de lettertekens 90 graden kantelden. Ook de vorm van de tekens is in de loop van de tijd veranderd. (Bron: Ancient Scripts) Ancient Scripts

De Soemeriërs zijn de uitvinders van het spijkerschrift. Jagersma: “Hoewel het net zo oud is als het hiërogliefenschrift van de Egyptenaren, is het veel abstracter. Op het eerste gezicht heeft het Soemerisch meer weg van het Chinees. Het zijn geen plaatjes.” Het spijkerschrift werd ook door andere volkeren uit het Midden-Oosten overgenomen, tot in Iran, Turkije en Egypte toe. Maar uiteindelijk werd het overal verdrongen door het alfabet.

Kleitabletten

Sumerian_ms2272_2400bc
Wikimedia Commons

Jagersma vertelt liefdevol over de taal waar hij twintig jaar onderzoek naar deed: “Het Soemerisch is samen met het schrift van de Egyptenaren het oudst overgeleverde schrift. De oudste geschriften dateren uit ca. 3200 jaar voor Christus. Dat is zo’n beetje dezelfde tijd dat wij de hunebedden uitvonden. Rond 2000 voor Christus is het Soemerisch verdrongen als gesproken taal, maar leefde als geschreven taal nog voort tot ongeveer de eerste eeuw voor Christus.”

Ondanks die datering zijn duizenden Soemerische teksten bewaard gebleven. Dat komt doordat de meeste teksten zijn geschreven op kleitabletten of gebeiteld in steen, materiaal dat niet snel vergaat. Duizenden bibliotheken met papieren geschriften zijn in de loop van de geschiedenis in vlammen opgegaan. Maar de geschriften op klei bleven bewaard. Jagersma licht toe: “In Irak zijn nog veel archeologische resten. Bij elke ruïneheuvel die bloot wordt gelegd, komen duizenden kleitabletten naar boven.”

Teksten

Mesopotami_
Wikipedia

Rond 1850 werden de eerste Soemerische teksten gevonden. Sinds die tijd doet men onderzoek naar deze taal. In Leiden valt dit onderzoek binnen de Assyriologie, de wetenschappelijke studie van het oude Mesopotamië (het tegenwoordige Irak). Dit is ook de studie die Jagersma volgde voordat hij zijn promotieonderzoek startte. Toch zijn er niet heel veel onderzoekers die zich bezighouden met het Soemerisch, legt hij uit: “Het onderzoek draagt niet bij aan onze economische groei. Het is puur wetenschap om de wetenschap. Daarom zijn er maar een paar dozijn van dit soort onderzoekers over de hele wereld.”

Op internet zijn zo’n 80.000 Soemerische teksten te vinden, vertelt de onderzoeker. “Die zijn deels in spijkerschrift en deels omgezet in Latijns schrift. De meeste teksten zijn administratief van aard. Maar er zijn ook teksten te vinden van koningen die verslag deden van alle geweldige dingen die zij hadden gedaan voor hun land.” Sommige koningen schreven zelf. Maar, legt Jagersma uit, meestal waren het hoge ambtenaren die de teksten schreven. “Schrijver zijn was een beroep op zich. De opleiding die je moest volgen, kostte vele jaren. Het waren dan ook mensen uit de hogere klasse.”

Grammatica

Voorbeeld uit het Soemerisch: Munnintumma’a
Letterlijke vertaling: ‘In dat hij het haar hier geschikt maakte.’
Mu – ni – n – tum – 0 – a – a
Hierheen – haar – hij (onderwerp) – geschikt zijn (werkwoordstam) – het – dat (bijzin) – in (locatief)

Behalve administratieve teksten zijn er dus ook literaire teksten -mythen, verhalen en gedichten- bewaard gebleven. Veel filologen hebben deze teksten tot onderwerp van studie gemaakt. Jagersma was meer geïnteresseerd in de taal zelf, in de grammatica. Daarvoor concentreerde hij zich op de teksten van 2500 tot 2000 voor Christus. Zijn grammatica van het Soemerisch is geschreven vanuit een taalwetenschappelijk perspectief. Dat betekent dat alle voorbeelden die hij noemt gepaard gaan met een taalkundige analyse: elk elementje wordt benoemd. Dat maakt zijn proefschrift ook interessant voor taalwetenschappers die onderzoek doen naar andere talen dan het Soemerisch.

Wat is er nu zo opvallend aan het Soemerisch? Jagersma noemt een paar voorbeelden. Als eerste de werkwoordsvorm. “Het Nederlandse werkwoordsysteem is eigenlijk vrij simpel. We zeggen: ik loop en hij loopt. Met die ‘t’ geef je aan wat het onderwerp is. In het Soemerisch kun je nog veel meer in een werkwoordsvorm proppen, zoals het lijdend voorwerp en het meewerkend voorwerp. Met één woord kun je een hele zin uitdrukken.”

Urenstelsel

“Ook opvallend is het 60-tallig stelsel dat de Soemeriërs hanteerden. Waar wij van nul tot tien en van tien tot 100 tellen, telden zij van nul tot 60. 70 is dan 60+10; 80 60+20 enzovoorts. Heel indirect gaat ons urenstelsel hier ook op terug. De Mesopotamische wetenschap nam het 60-tallig stelsel namelijk over. Ons urenstelsel heeft zijn wortels in de Babylonische wiskunde, de wiskunde die bedreven werd door de volkeren uit Mesopotamië.”

Als Jagersma terugkijkt op zijn onderzoek, vergelijkt hij het met een spannende puzzel. “Ik liep soms weken en weken te broeden totdat ik begreep hoe iets in elkaar zat. Zo’n moment had ik maar een paar keer per jaar. En dan liep ik één of twee dagen op wolken.” Op 4 november verdedigt Jagersma zijn proefschrift aan de Universiteit Leiden.

Zie ook: