In het onderstaande filmpje neemt een geanimeerde figuur een serie doeltrappen. De bolletjes stellen de gewrichten van het lichaam voor. Vlak voordat het figuurtje een doeltrap neemt, stopt het beeld. Probeer zelf binnen een halve seconde te voorspellen of hij de bal de bal naar links of naar rechts schiet.
Kon je meer dan de helft van de doeltrappen goed voorspellen? Dan zie je net als 16 van de 31 proefpersonen van de Amerikaanse onderzoeker Gabriel Diaz subtiele aanwijzingen die de schieter weggeeft vlak voordat hij schiet. Waarschijnlijk ben je je er niet eens van bewust welke aanwijzingen dat zijn. Het doel van Diaz’s onderzoek was dan ook om die aanwijzingen op te sporen.
Evenwicht
Diaz keek naar twee soorten aanwijzingen: lokale en verdeelde bewegingen. Lokale bewegingen zie je op één plek in het lichaam, zoals de richting waarin de voet van het standbeen wijst. Dat is trouwens ook één van de twee betrouwbare lokale aanwijzingen. De andere is de hoek waarin de heupen staan als de voetballer het schot lost.

De verdeelde beweging is iets ingewikkelder. Volgens Diaz is dat een samenspel tussen meerdere delen van het lichaam. “Als iemand de hoek van de standvoet verandert, bijvoorbeeld om de richting van de doeltrap te verbergen, verandert ook zijn zwaartepunt. Om in evenwicht te blijven beweegt hij een ander lichaamsdeel, misschien zijn arm. En dat gebeurt zonder dat de voetballer er erg in heeft.”
Diaz vond in totaal drie verdeelde bewegingen die veel voetballers vlak voor een doeltrap maken.
Hartenbrekers
Diaz identificeerde de twee lokale en drie verdeelde bewegingen met een computeranalyse. Maar ziet een mens ze ook? Daarvoor liet hij een lange versie van het filmpje bovenaan dit artikel aan de 31 proefpersonen zien. En wat bleek: vier van de vijf bewegingen werden door zestien proefpersonen binnen een halve seconde gespot! Hoe langer de proefpersonen wachtten met een richting toekennen, hoe groter de kans was dat ze het goed hadden.
Dus Stekelenburg, Van Marwijk, als jullie dit lezen: het is wetenschappelijke aangetoond dat je penalties kunt trainen. De keeper moet wel weten waar hij op moet letten, en tevens over bliksemsnelle reflexen beschikken. Maar als dat goed gaat, krijgen we hopelijk nooit meer een herhaling van hartenbrekers als de halve finale tegen Brazilië in 1998.
