Theater ‘The Rose’
Het theater ‘The Rose’ was gebouwd in 1587 door de bordeeleigenaar Philip Henslowe, en een kruidenier genaamd John Cholmley. Door een uitbraak van de builenpest moest de zaak tussen 1592 en 1594 zijn deuren sluiten. De periode tussen 1595-1600 waren de hoogtij-dagen van het theater. Het theatergezelschap ‘the Admiral’s Men’ speelde toentertijd de sterren van de hemel met stukken van Christopher Marlowe zoals bijvoorbeeld ‘Dr. Faustus’. Het doek viel in 1605 definitief voor ‘The Rose’ toen het huurcontract van het theater af liep.
Britse archeologen komen tot deze conclusie naar aanleiding van een zeer gedetailleerd onderzoek naar Elizabethaanse theaters. Zij onderzochten duizenden zaadjes, pitjes, en fragmenten van notendopjes, schaaldieren, vis en dierenbotjes die gevonden zijn op de opgegraven site van ‘the Rose playhouse’.
De theatergangers aten volgens het onderzoek aanzienlijke hoeveelheden zeevruchten zoals oesters, krab, kokkels, mosselen, alikruiken, en kinkhoorns. Walnoten, hazelnoten, rozijnen, pruimen, kersen, gedroogde vijgen, en perziken waren eveneens geliefde snacks. Ook snoepten de 16e eeuwse fans van Shakespeare en Marlowe flinke hoeveelheden taart van vlierbessen en zwartebessen.

Elke plant en vrucht laat kenmerkende zaadjes achter die onder gunstige omstandigheden goed bewaard blijven in de bodem. Door middel van analyse onder de microscoop zijn verschillende soorten te determineren. Afbeelding: © Lambert Scheepers
Geïmporteerde goederen
Sommige toeschouwers hebben waarschijnlijk ook pijp gerookt. De archeologen vonden tabaksresten, dat oorspronkelijk afkomstig was uit de Nieuwe Wereld. Dat is opmerkelijk, want tabak was slechts een paar jaar voor die tijd in Engeland geïntroduceerd. De archeologen ontdekten tevens zaadjes van pompoenen. Deze vrucht was ook oorspronkelijk afkomstig uit Amerika.
Klasse
Het resultaat van het onderzoek is bijzonder. De archeologen concluderen dat er onderscheid in klasse te maken is aan de hand van het verorberde fastfood. Het welvarende deel van het publiek betaalde 6 penny voor een toegangskaartje, en kon zich hiermee een zitplaats in de galerij veroorloven. Zij konden zich te goed doen aan luxe geïmporteerde snacks, zoals rozijnen, gedroogde vijgen en perziken. De doorsnee bevolking mocht voor 1 penny entree het stuk bekijken vanaf een staplaats, vlak voor het toneel. Duizenden hazelnotendopjes werden daar gerecycled als bodemstrooisel zodat zij niet in de modder hoefden te staan. Op deze plek werden veelal voedselresten gevonden die minder schaars waren, zoals oesters en andere lokale producten.

