Volhardendheid bij asielaanvraag maakt verschil

Asielzoekers die in eerste instantie niet worden toegelaten, krijgen in de bezwaar- of beroepsprocedure of bij de tweede aanvraag vaak alsnog een verblijfsvergunning: de reden van aanvankelijke afwijzing blijkt in zulke gevallen niet of moeilijk te bewijzen. Dit concludeert geesteswetenschapper Tycho Walaardt na zijn promotieonderzoek aan de Universiteit Leiden.


Net zoals nu, waren in de periode 1945-1994 alleen ‘echte’ vluchtelingen welkom in Nederland, vluchtelingen van wie werd vermoed dat ze om andere reden asiel vroegen niet. ’Ik vroeg me af’, zegt Tycho Walaardt, ‘of ambtenaren dit onderscheid aan de hand van wetgeving en beleid wel kunnen maken.’

Imagedisplay.php

Asielzoekerscentrum waar asielzoekers het oordeel over hun aanvraag afwachten.

Veel asielzoekers ontvangen een afwijzing omdat ze niet voldoen aan de definitie van een vluchteling of worden niet geloofd. Dit betekent niet dat ze uit Nederland vertrekken. Hun advocaten dienen een bezwaarschrift in of tekenen beroep aan. Hierdoor ontstaat een patstelling waarin de bewijsbaarheid van wat de vluchteling vertelt een grote rol speelt. Walaardt: ‘Aan de basis van dit onderzoek lag de vraag wat dan vervolgens met deze asielzoeker gebeurde.’

Hollandse gastvrijheid

‘Uit mijn onderzoek blijkt dat het Ministerie van Justitie tegen wil en dank een asielzoeker vaak alsnog een verblijfstitel verleent. Zo wordt een streng beleid, iets wat de overheid naar buiten toe wil benadrukken, gecombineerd met een humane praktijk’, aldus Walaardt. In dit soort gevallen krijgt de asielzoeker vaak geen vluchtelingenstatus, maar wordt hij toegelaten op humanitaire gronden (als het gaat om een schrijnende situatie zoals wanneer iemand getraumatiseerd is) of op grond van de arbeidsmarkt.

Walaardt: ‘Mijn onderzoek spitste zich toe op het selectieproces. De vraag die de ambtenaren stellen is: wie verdient op grond van wetgeving en beleid wel en wie geen toelating? In persoonsdossiers van asielzoekers zie je wie de ambtenaren in de verschillende fases probeerden te beïnvloeden en welke argumenten beslissend waren. Zichtbaar was dat pleitbezorgers en – ten dele – hun argumenten veranderden, maar ook dat steeds dezelfde argumenten opdoken, zoals de beroemde Hollandse gastvrijheid

Get Adobe Flash Player
Als het niet mogelijk is Flash te installeren kunt u de video bekijken via deze link.

De Rekenkamer volgt het pad van een Alleenstaande Minderjarige Asielzoeker (AMA) door de asielprocedure in Nederland. Hun conclusie is dat niet zozeer de AMA zelf veel geld kost, maar dat juist alle bij de asielaanvraag betrokken procedures en instanties, waar het onderzoek van Tycho Walaardt om draait, kapitalen verslinden.

Wie is het meest volhardend?

‘Feitelijk gaat het om de vraag wie het meest volhardend is, de overheid of de asielzoeker. Bij veel asielverzoeken was de overheid aanvankelijk streng, maar zij liet deze houding varen nadat bleek dat de asielzoeker niet kon worden uitgezet en kon rekenen op steun van een deel van het Nederlandse publiek. De autoriteiten konden dan niets anders doen dan de asielzoeker toelaten en benadrukken dat het hier een uniek geval betrof.’

Het onderzoek toont een gat aan tussen het Nederlandse asielbeleid en de uitvoering ervan. Dit verschil wordt gedicht met uiteenlopende argumenten, zoals nut voor en aanpassing aan de Nederlandse samenleving, medelijden en de duur van de procedure.’ Walaardt meent dat alle partijen gebaat zijn bij deze combinatie van een streng beleid en een humane praktijk.

Zie ook

Meer over asielzoekers op Wetenschap24: